Tussen stad en straat
Concept Verkiezingsprogramma
PvdA Amsterdam Oud-Zuid 2006 - 2010
Inleiding
Amsterdam Oud-Zuid is een stadsdeel om trots op te zijn. Stadsdeel van musea en muziek. Van de architectuur van Berlage en de handelsgeest op de Albert Cuyp. Van de lommerrijke straten van Apollo en de levendige Pijp. Kriskras van Amstel tot Zuidas, van Olympisch stadion tot Vondelpark, wonen, werken en recreëren Amsterdammers, arm en rijk, nieuw en oud, oud en jong. De Partij van de Arbeid staat midden in dit Oud-Zuid.
De Partij van de Arbeid heeft de afgelopen vier jaar in de oppositie gezeten in Oud-Zuid. Maar dat wil niet zeggen dat wij aan de zijlijn hebben gestaan. Dankzij de Partij van de Arbeid is bijvoorbeeld de overlast in de Diamantbuurt aangepakt, is het sportbuurtwerk tijdens de zomervakantie blijven bestaan, worden de hoogbejaarde inwoners in het stadsdeel regelmatig bezocht, zijn de voorzieningen voor gehandicapten verbeterd, is er een rem gezet op de uitverkoop van de sociale huurwoningen en zijn er veel verkeersonveilige situaties aangepakt.
Maar er is ook veel fout gegaan: tegen onze zin is er geen limiet meer aan de mogelijkheid woningen te splitsen of samen te voegen, verarmen en vereenzamen veel mensen, met name onze ouderen, worden bewoners en bedrijven tot wanhoop gedreven door het grote aantal straten dat is opgebroken, heeft er een ongekende bezuiniging op het welzijnswerk plaatsgevonden, zijn de tarieven van de Albert Cuypmarkt omhoog gegaan, wordt het culturele instellingen en kunstenaars onmogelijk gemaakt in het stadsdeel actief te blijven en zijn bewoners het stadsdeel uitgejaagd zonder dat het stadsdeelbestuur ingreep. Zaken die met de Partij van de Arbeid in het bestuur nooit zo uit de hand waren gelopen.
Het stadsdeel kan niet alles, vooral door de regelgeving uit Den Haag. En ook de Partij van de Arbeid kan vanzelfsprekend geen wonderen verrichten. Maar het kan wel een stuk beter.
In dit programma willen wij aangeven wat de Partij van de Arbeid wil op het gebied van:
- relatie burger-politiek,
- samen leven in de buurt,
- welzijn,
- onderwijs,
- economisch beleid en ondernemers,
- kunst en cultuur,
- stadsrecreatie, sport, openbare ruimte en verkeer,
- veiligheid,
- wonen in Oud-Zuid.
De Partij van de Arbeid heeft de afgelopen vier jaar een luisterend oor gehad voor de burger, zoals dat echte volksvertegenwoordigers betaamt. Daar gaan wij ook mee door. Net zoals we doorgaan met elke maand steeds in een andere buurt de straat op te gaan. Om te luisteren, te spreken en te discussiëren over politiek en onmacht, over klein ongerief en grote problemen. De Partij van de Arbeid heeft deze waardevolle meningen, suggesties en vragen vanuit de straat meegenomen naar de deelraad en verwerkt in dit verkiezingsprogramma, als een brug tussen stad en straat.
relatie burger-politiek
De PvdA wil dat iedere burger als volwaardig lid deel kan nemen aan het maatschappelijk leven. Luisteren naar bewoners, georganiseerd en ongeorganiseerd en het vertalen van hun wensen en verlangens is daarbij een voorwaarde. Het zinnetje “dat is niet onze verantwoordelijkheid” kennen wij niet; wij nemen iedere vraag van een burger serieus.
Luisteren naar de burger betekent natuurlijk niet dat de PvdA geen eigen mening over zaken heeft. Maar, beleid moet burgers niet overkomen, zij moeten er een actieve bijdrage aan kunnen leveren. Daarom wil de PvdA dan ook dat de burgers, wanneer hun mening wordt gevraagd, meerdere voorstellen voorgelegd krijgen, zodat er voor hen iets te kiezen valt en zij ook eigen varianten in kunnen brengen.
Dit alles vraagt om samenwerking en een open bestuursstijl, waarbij de volksvertegenwoordigers en de bestuurders van de PvdA de pleinen en de straten van het stadsdeel kennen en waar de burgers worden opgezocht. De werkkamer is de plaats waar de bestuurder zich bezint; het is niet de plek van waaruit de buurt wordt geregeerd.
Wijkservicepunten kunnen, als voorposten van het stadsdeel, de communicatie met de burgers verbeteren. Niet alle wijkservicepunten functioneren echter even goed. Daar waar geen wijkservicepunt nodig is, wil de PvdA deze vervangen door een wijkservicebus die als een mobiel servicepunt in een buurt of straat komt. Daar kunnen de bewoners hun vragen stellen en hun opmerkingen kwijt.
Daarnaast vindt de PvdA het van belang dat ook de tegenstanders van plannen van het stadsdeel hun mening kenbaar kunnen maken. Daarbij kunnen de wijkcentra een belangrijke rol vervullen. De wijkcentra hebben als taak om mensen die in de wijk wonen of werken te raadplegen, hun meningen te verwoorden en hen te mobiliseren tegen beleid dat, naar hun oordeel, tegen de belangen van de wijk ingaat. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van het burgerinitiatief. Om hun rol goed te kunnen vervullen, moeten de wijkcentra beter aansluiten bij wat er leeft in de wijken en, minder dan nu het geval is, een verlengstuk zijn van het stadsdeelbestuur. Wij streven dan ook naar een groter aantal, kleinere wijkcentra. De wijkcentra kunnen voor een deel gehuisvest worden in de bestaande buurthuizen, waarbij uiteraard functies en verantwoordelijkheden duidelijk gescheiden blijven.
De PvdA wil niet tornen aan het aantal en de omvang van de bestaande stadsdelen. Op dat gebied is rust nodig, zodat aan de kwaliteit van het functioneren van de stadsdelen kan worden gewerkt. Een goede samenwerking met andere stadsdelen en de centrale stad is daarbij van groot belang. Nieuwe technologie kan helpen om de dienstverlening te verbeteren, zodat bijvoorbeeld de burger op ieder stadsdeelkantoor terecht kan voor zaken die niet op het eigen stadsdeel betrekking hebben.
samen leven in de buurt
Het stadsdeel moet voorwaarden creëren om alle burgers deel te kunnen laten nemen aan het maatschappelijk leven. Met name de participatie van bewoners van allochtone afkomst vraagt een gerichte aanpak. Maar ook ouderen, gehandicapten en mensen met psychische problemen verdienen extra aandacht.
De PvdA wil eraan bijdragen dat iedere bewoner van dit stadsdeel zich hier thuis kan voelen. Dit vereist flexibiliteit en tolerantie. Nieuwkomers moeten hun culturele identiteit niet verloochenen, maar zullen op hun beurt respect moeten hebben voor de bestaande cultuur. Onder integratie verstaat de PvdA: je aanpassen aan de dagelijkse gang van zaken. Deze aanpassing is noodzakelijk om een volwaardige plek in de samenleving in te kunnen nemen.
Dit vraagt om een constante dialoog tussen alle groeperingen binnen het stadsdeel. De PvdA is de afgelopen jaren deze dialoog voortdurend aangegaan en zal daar mee doorgaan.
Maar praten alléén is niet voldoende. Er zal ook gericht beleid moeten worden ontwikkeld om nieuwkomers een handje te helpen en sociale samenhang te bevorderen en in stand te houden. Gedrag dat het prettig samen leven in de buurt ondermijnt, moet met kracht worden bestreden.
De PvdA vindt dat er mentorprojecten moeten worden opgezet voor jongeren die dreigen af te glijden en dat er plekken moeten zijn waar moeders elkaar kunnen ontmoeten om elkaar te ondersteunen bij de problemen die ze ondervinden bij de opvoeding van hun kinderen. Verder is het van belang dat ontmoetingen tussen diverse groepen gestimuleerd worden. Dit kan door culturele manifestaties, sport en straatfeesten en braderieën. De voornaamste organisaties binnen het stadsdeel hebben daarin een rol. Daarnaast zal het stadsdeel met name met de woningbouwcorporaties in gesprek moeten treden om eenzijdige samenstelling van wijken te vermijden.
De PvdA wil dat zoveel mogelijk nieuwkomers actief worden benaderd en een inburgeringstraject krijgen aangeboden. Nieuwkomers moeten bij een loket alle informatie kunnen krijgen die ze nodig hebben.
welzijn
In de komende raadsperiode zal de Wet Maatschappelijke Ondersteuning worden ingevoerd. Deze wet bepaalt dat de lokale overheden veel meer verantwoordelijkheid krijgen voor het welzijn van haar burgers. Het doel hiervan is de participatie en zelfredzaamheid van kwetsbare groepen te bevorderen. De PvdA beschouwt deze wet als een uitdaging om het welzijnsbeleid binnen het stadsdeel een krachtige impuls te geven. Welzijn is een voorwaarde voor veiligheid en leefbaarheid op straat en in de buurt voor iedere burger. De forse bezuinigingen op welzijn gedurende de afgelopen periode, zoals op de peuterspeelzalen en de buurthuizen, waren in de ogen van de PvdA onverantwoord.
De PvdA wil een breed welzijnsaanbod in de verschillende buurten, dat inspeelt op de specifieke behoefte per buurt. De buurthuizen spelen daarin een belangrijke rol. De voorzieningen moeten op elkaar aansluiten, laagdrempelig en betaalbaar zijn. Daarnaast moet er speciaal aandacht besteed worden aan ouderen, gehandicapten en mensen die, veelal vanwege ernstige psychische problemen, niet geholpen willen worden. Vertegenwoordigers en belangenorganisaties van deze groepen worden actief betrokken bij het te voeren beleid. In ieder geval wil de PvdA dat mensen van 75 jaar en ouder regelmatig worden bezocht, zodat ze zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen en niet in een sociaal isolement komen. De toegankelijkheid van openbare gebouwen, openbare ruimte en openbaar vervoer voor lichamelijk gehandicapten is uitgangspunt voor de PvdA. Verder zal er voldoende opvang en medische zorg moeten zijn voor zwervers, daklozen, druggebruikers en psychiatrische patiënten. De PvdA wil dat het stadsdeel, in samenwerking met de GGZ, zorgdraagt voor een actieve benadering van zorgbehoevende bewoners.
onderwijs
Het onderwijs vervult een spilfunctie in de maatschappij. Naast de primaire functie van kennisoverdracht, speelt onderwijs een belangrijke rol bij de opvoeding van kinderen, hun sociale en culturele vorming en hun geestelijk en lichamelijk welzijn. Scholen staan dan ook midden in de maatschappij en moeten een plek zijn waar kinderen en hun ouders zich veilig en gerespecteerd voelen. Dat begint bij onderwijsgebouwen, die veilig en schoon zijn. Ook moeten scholen voldoende middelen hebben om hun onderwijskundige taak goed te kunnen vervullen. Maar minstens even belangrijk is het klimaat binnen de school. Bedreigingen, pestgedrag en discriminatie worden niet getolereerd. Het kind en de ouders worden hierop aangesproken. De betrokkenheid van ouders bij het onderwijs wordt sterk gestimuleerd. Spijbelen wordt in een vroegtijdig stadium aangepakt. Leerlingen die dreigen uit te vallen worden intensief begeleid. Met de politie worden afspraken gemaakt om de veiligheid rond scholen te waarborgen.
Extra aandacht is nodig voor kinderen in achterstandssituaties. Daarvoor bestaat een aanbod van zogenaamde “voorscholen”, waar kinderen vanaf 2½ jaar naar toe kunnen, om goed voorbereid te worden op de basisschool. In wijken met veel achterstandskinderen worden brede scholen opgezet, waar ook buiten de lesuren achterstanden kunnen worden aangepakt. Er vindt in één gebouw een aanbod plaats van onderwijs en welzijn voor alle leeftijden, waar naast voor- en naschoolse opvang, taalonderwijs voor moeders en wegwijs in de bibliotheek, ook andere activiteiten worden georganiseerd.
De PvdA vindt dat het stadsdeel de samenwerking van de scholen met Bureau Jeugdzorg, het schoolmaatschappelijk werk, leerplicht, opvoedingsondersteuning, de schoolarts, het consultatiebureau en andere zorginstellingen moet coördineren.
Van groot belang is de aanwezigheid van stageplekken voor jongeren, met name van het VMBO. Het stadsdeel moet zich tot het uiterste inspannen om het tekort aan stageplekken weg te werken. Enerzijds door zelf binnen de organisatie stageplekken te creëren, anderzijds door bedrijven in het stadsdeel te wijzen op het maatschappelijk belang en te stimuleren dat ook daar nieuwe stageplekken worden gecreëerd.
economisch beleid en ondernemers
Hoewel er binnen het stadsdeel in het algemeen sprake is van een bloeiende economie, zijn er ook zorgpunten aan te wijzen. Met name de middenstand heeft het op verschillende plaatsen erg moeilijk. Een goed draaiende middenstand is een speerpunt voor de PvdA. De middenstand zorgt samen met kleine ondernemingen immers voor een belangrijk deel voor de werkgelegenheid, maar is tevens van belang voor de levendigheid en gezelligheid en niet in de laatste plaats voor de sociale controle. Problemen die de PvdA signaleert zijn onder andere de veiligheid en de hoge huren in sommige winkelgebieden. Om deze problemen aan te pakken wil de PvdA straatmanagers aanstellen en ondernemershuizen opzetten, die kunnen dienen als vraagbaak, meldpunt voor klachten en steunpunt, vooral voor startende ondernemers. Zij kunnen tevens de winkeliersverenigingen ondersteunen en een rol vervullen bij onderhandelingen met verhuurders.
Voor relatief kleine ondernemingen zal het stadsdeel de opzet van bedrijfsverzamelgebouwen stimuleren.
In overleg met de kooplieden van de Albert Cuyp en de middenstand in de Ferdinand Bol zal een plan van aanpak worden gemaakt om de problematische situatie rond de aanleg van de Noord-Zuid lijn te kunnen overbruggen en een levensvatbaar toekomstperspectief te ontwikkelen voor de lange termijn.
kunst en cultuur
Kunst en cultuur zijn van oudsher ruim vertegenwoordigd in Oud-Zuid. Niet alleen zijn het concertgebouw en de belangrijkste musea van het land in dit stadsdeel gevestigd, ook qua architectuur en monumenten is het stadsdeel rijk voorzien. Maar naast wat bewaard en onderhouden moet worden, waren en zijn er in het stadsdeel ook plekken waar de hedendaagse kunst en cultuur zich manifesteert. Met het vertrek van de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten, de Wackersacademie en het Conservatorium van Amsterdam heeft er op dat gebied een gevoelige aderlating plaatsgevonden. De natuurlijke wisselwerking tussen wat vroeger was en wat vandaag ontstaat dreigt daardoor te verdwijnen. Wat overblijft zijn de kunstenaars die zich van oudsher in de Pijp en Oud-Zuid hebben gevestigd, waardoor daar een ontstaans- en broedplaats voor kunst en cultuur heeft kunnen ontstaan, maar dat is niet genoeg.
De PvdA vindt dat kunst en cultuur van levensbelang zijn voor een gezonde samenleving, waar mensen kunnen genieten, zich kunnen uiten en wederzijds begrip en respect ontstaat en bestaat. Kunsteducatie kan daarin een belangrijke rol vervullen. Het stadsdeel heeft daarbij een grote verantwoordelijkheid.
Het stadsdeel moet afstappen van het rigide beleid van marktconforme huren voor atelierruimtes. Daarnaast moet er meer geld vrijgemaakt worden voor kunst en cultuur, zodat het bestaande cultureel erfgoed beter wordt onderhouden, er onroerend goed kan worden aangekocht ten behoeve van culturele bestemmingen en er meer geld beschikbaar komt voor de aankoop van kunstwerken en de subsidiëring van kleinschalige kunstinstellingen als Rialto en het Ostadetheater. Verder moet het stadsdeel mogelijkheden faciliteren waar kunstenaars en kopers elkaar kunnen ontmoeten. Ook economisch gezien hebben kunst en cultuur immers een rol van betekenis in Oud-Zuid.
stadsrecreatie, sport, openbare ruimte en verkeer
Een stad is meer dan een verzameling huizen en straten, waartussen hier en daar ruimte voor een plein, park of plantsoen is vrijgehouden. Naast economische redenen, kiezen mensen ervoor om in een stad te wonen, vanwege de dynamiek die daar is en die ontstaat wanneer mensen van diverse afkomst en met verschillende interessen elkaar ontmoeten. De PvdA streeft ernaar om de inrichting van de openbare ruimte en de bestemming die daaraan gegeven wordt, zodanig vorm te geven dat die ontmoeting plaats kan vinden. Zonder dat dit overlast veroorzaakt of het economisch aspect uit het oog wordt verloren.
Oud-Zuid heeft veel straten die deel uitmaken van belangrijke verkeersaders, zowel voor auto’s als voor fietsers. Daarnaast zijn er diverse publiekstrekkers die veel mensen van buiten aantrekken, zoals het Olympisch Stadion, het Concertgebouw en het Rijksmuseum, maar ook de Albert Cuyp, de P.C. Hooftstraat en het Museumplein. Dit alles vergt veel van de openbare ruimte. Er moet een evenwicht worden gezocht tussen mobiliteit, parkeren, wonen, werken, winkelen en recreëren, waarbij de ontmoeting tussen mensen mogelijk blijft.
Voor de PvdA betekent dit concreet dat de verkeersaders veilig zijn, zowel voor fietsers als voor auto’s en dat er een goede doorstroming mogelijk is. Voorkomen moet worden dat er tegelijkertijd meerdere opbrekingen zijn van verschillende doorgaande wegen. Bij dat alles zal er voldoende ruimte worden gereserveerd voor voetgangers.
Straten die niet bedoeld zijn voor doorgaand verkeer, zijn het domein van de mensen die er wonen, werken en recreëren. De straat nodigt uit als ontmoetingsplek en is prettig om te verblijven door groen, in de vorm van bomen en waar mogelijk (gevel-)tuinen. Maar bij de inrichting van de openbare ruimte moet ook de toegankelijkheid voor gehandicapten en ouderen uitgangspunt zijn. In buurten waar veel kinderen wonen, moet voldoende speelgelegenheid zijn.
Veel mensen hebben een auto nodig en bedrijven moeten kunnen worden bevoorraad, auto’s worden niet geweerd. Maar auto’s leggen een onevenredig beslag op de openbare ruimte. Vandaar dat de PvdA wil onderzoeken waar ondergrondse parkeergarages kunnen worden aangelegd, mede ten behoeve van bewoners. Daarbij wordt gestreefd naar een kostendekkende exploitatie. Extra parkeerplaatsen die hierdoor ontstaan, worden gecompenseerd door het aantal parkeerplaatsen bovengronds met de helft te verminderen.
Ook voor fietsers zijn aanvullende maatregelen noodzakelijk. Uitbreiding van het aantal inpandige fietsenstallingen zal worden gestimuleerd. Waar dat noodzakelijk is zal zo mogelijk het aantal fietsenrekken, de zogenaamde “nietjes”, worden uitgebreid.
Zowel bij herinrichtingsplannen als bij het signaleren van gebreken moeten bewoners en ondernemers zoveel mogelijk tijdig worden betrokken. De PvdA vindt de buurtschouw daarbij een belangrijk instrument. Het is de taak van het stadsdeel de openbare ruimte te onderhouden, door ervoor te zorgen dat deze schoon en heel is.
Sommige delen van het stadsdeel hebben een belangrijke recreatieve functie: zoals het Vondelpark en het Sarphatipark, maar ook de horeca in de Pijp, het Museumplein als nationale manifestatieruimte en de diverse sportgelegenheden. De PvdA vindt het van belang dat deze onderscheiden functies behouden blijven. Daarom wil de PvdA dat er zo min mogelijk horeca in de parken komt, zodat de rust en ruimte daar gegarandeerd blijft.
De horeca in de Pijp heeft er mede voor gezorgd dat hier één van de meest aantrekkelijke wijken van de stad is ontstaan. Meer dan 1% van alle horeca in heel Nederland is hier geconcentreerd. De PvdA koestert deze ontwikkeling, maar is van mening dat deze niet ten koste mag gaan van de mensen die er wonen. Het is noodzakelijk dat er een systeem wordt ontwikkeld waarbij de overlast in verschillende uitingsvormen meetbaar wordt gemaakt. De uitkomsten daarvan zullen de basis moeten vormen voor de discussie of verruiming van de openingstijden van de horeca in het stadsdeel mogelijk en wenselijk is. In ieder geval zullen plannen in die richting gepaard moeten gaan met een versterkte handhaving, waarbij milieudienst, stadsdeel en politie goed samenwerken. Een meldpunt overlast kan daarin een centrale rol vervullen.
De PvdA wil dat het Museumplein zich verder ontwikkelt tot een ontmoetingsplaats waar kleinschalige culturele uitingen plaatsvinden die bij voorkeur verband houden met de kunstinstellingen die zich op het plein bevinden. Voorkomen moet worden dat het Museumplein voornamelijk en veelvuldig het decor is van grote evenementen waarbij gebruik wordt gemaakt van versterkte muziek.
Het stadsdeel Oud-Zuid kan zich verheugen in een uitgebreid aanbod aan sportfaciliteiten, het Olympisch Stadion, de Apollohal, het Olympiaplein, het Zuiderbad, diverse sporthallen en het sportbuurtwerk. De PvdA vindt dat er zoveel mogelijk sportvoorzieningen binnen de stedelijke ring moeten blijven en dat die voorzieningen toegankelijk en betaalbaar zijn. Voor gezinnen met een laag inkomen moeten maatregelen worden genomen zodat in ieder geval de kinderen gebruik kunnen maken van de bestaande voorzieningen. Met name het sportbuurtwerk vervult een belangrijke functie als opstap voor het sporten in verenigingsverband. Het levert daarnaast een bijdrage aan het preventieve veiligheidsbeleid. Om die reden is de PvdA van mening dat de extra openstelling van sporthal de Pijp in de zomermaanden moet worden gehandhaafd.
veiligheid
Mensen moeten in een veilige buurt kunnen wonen en zich daar ook veilig voelen. Veiligheid is dan ook bij uitstek een onderwerp waar de PvdA zich druk om maakt.
Objectief gezien is Oud-Zuid als geheel veilig vergeleken met andere stadsdelen. Maar dat wil niet zeggen dat iedereen dat zo ervaart en dat alle buurten even veilig zijn. Hoewel de criminaliteitscijfers niet hoger zijn dan in andere buurten, veroorzaken met name jongeren op bepaalde plekken ernstige overlast. Deze overlast is soms zodanig, dat bewoners zich gedwongen voelden te verhuizen. Voor de PvdA is dat onaanvaardbaar.
Preventieve én repressieve maatregelen zijn noodzakelijk. Zorg voor goed onderwijs, goede huisvesting en voldoende werkgelegenheid zijn een voorwaarde om jongeren perspectief te bieden. Het verwijderen van graffiti en ook op andere gebieden een goed beheer van de openbare ruimte, vergroten het veiligheidsgevoel. Maar het belangrijkste is dat alle betrokkenen met elkaar in gesprek komen en blijven. Door middel van dialoog zal duidelijk worden wat onder overlast wordt verstaan en welke afspraken jongeren, ouders en andere buurtbewoners kunnen maken om overlast tot een aanvaardbaar niveau te beperken.
De PvdA in Oud-Zuid pleit in het uiterste geval voor mobiel cameratoezicht en een tijdelijk samenscholingsverbod. Dit in overleg met de burgemeester, die de eerstverantwoordelijke is voor het veiligheidsbeleid. Ook wil de PvdA gedupeerde bewoners ondersteunen waar het gaat om het verhalen van de schade op de veroorzakers ervan.
wonen in Oud-Zuid
Gezinnen en alleenstaanden, zorgbehoevenden en zelfstandigen, arm en rijk, jong en oud, zij wonen allemaal in Oud-Zuid. Voor al die groepen is passende woonruimte nodig, het liefst in elke buurt. Maar de woningvoorraad loopt sterk uiteen. Het Museumkwartier en de Apollobuurt kennen voornamelijk, vaak dure, koopwoningen; de Stadionbuurt en de Diamantbuurt daarentegen voornamelijk goedkope huurwoningen, in bezit van de diverse woningcorporaties.
Er is een groot tekort aan passende woonruimte voor gezinnen en mensen met een middeninkomen. De PvdA is van mening dat het splitsen van woningen kan worden toegestaan als door het samenvoegen van kleine etages grotere woningen ontstaan. Ook zijn er te weinig aangepaste woningen voor gehandicapten en ouderen. Daarom wil de PvdA dat per buurt nauwkeurig wordt onderzocht waar voor deze categorie woningzoekenden kleinschalige nieuwbouwprojecten kunnen worden gerealiseerd.
Plannen van de rijksoverheid om de huren ook in Amsterdam te liberaliseren, worden door de PvdA met kracht van de hand gewezen. Door landelijke en stedelijke ontwikkelingen neemt het aantal goedkope huurwoningen nu al sterk af. We moeten zuinig zijn op het aantal betaalbare huurwoningen dat er nog is. De PvdA wil geen onnodig hoge woonlasten voor mensen met lagere inkomens.
Om te voorkomen dat er buurten ontstaan met vrijwel uitsluitend economisch zwakkere bewoners en buurten waar vrijwel alleen mensen met een hoog inkomen wonen, is verder een gericht huisvestingsbeleid nodig. Daarom moet in sommige buurten de verkoop van sociale huurwoningen worden gestaakt en moeten huiseigenaren worden gestimuleerd om achterstallig onderhoud en funderingsproblemen op te lossen. Voor buurten waar overwegend corporatiewoningen staan, kan de verkoop van huurwoningen juist worden gestimuleerd, om hiermee betaalbare koopwoningen te kunnen realiseren. Op deze manier kan de bestaande diversiteit in Oud-Zuid worden behouden.
Een extra inspanning van alle betrokkenen is vereist om de vele gevallen van illegale onderhuur actief te bestrijden. Dat is nodig om te zorgen voor een rechtvaardige en rechtmatige verdeling van de woningen, de wachtlijsten af te laten nemen en de noodzakelijke doorstroming te stimuleren.